Bormio afstanden Nederland
De reisafstand tussen Nederland en Bormio
Bormio behoort onder Nederlanders niet tot de vaakst bezochte wintersportbestemmingen. Niet omdat het je te weinig te bieden zou hebben, maar omdat de reis ernaartoe eenvoudigweg iets moeilijker is dan naar andere gebieden. Zeker voor wintersporters die met een eigen auto naar hun vakantieadres trekken. Wil je de afstand tussen Nederland en Bormio met eigen vervoer overbruggen? Zorg dan voor een goede autoverzekering, een gevarendriehoek en veiligheidshesjes.
De reis via Duitsland en Oostenrijk of Zwitserland
De afstand tussen Utrecht en Bormio bedraagt iets meer dan 1050 kilometer, wat – als je tussenstops niet meerekent – neerkomt op een autorit van twaalf uur. Om de afstand tussen Nederland en Bormio te overbruggen, heb je meerdere opties. Zo kun je via Duitsland (Düsseldorf, Koblenz, Frankfurt am Main, Stuttgart, Ulm) richting de Oostenrijkse grens rijden en via de Alpen Noord-Italië binnenrijden. Ook kun je de Zwitserse grens bij Basel oversteken en dan zuidoostelijk naar de Italiaanse grens rijden.
Zaken om rekening mee te houden
Wees je ervan bewust dat, als je met eigen vervoer de afstand tussen Nederland en Bormio overbrugt, signalering voor flitspalen op je navigatie in alle landen die je doorkruist verboden is. Ook in Italië. Bovendien heb je voor een autoreis door Oostenrijk of Zwitserland een vignet nodig. Dit wordt bij de grensovergang gecontroleerd. Je kunt je vignet vooraf eenvoudig bij de ANWB bestellen.
Openbaar vervoer
Reis je liever niet met de eigen auto? Openbaar vervoer is een alternatief. Met de ICE reis je bijvoorbeeld in 6,5 uur naar Basel of in 4 uur naar Frankrijk en daarna verder naar Landquart en Zernez. In Zernez dien je een auto te huren en verder te reizen naar Bormio (70 kilometer). Ook gaan er vanuit Zernez bussen naar Livigno (155 kilometer). Daarvandaan kun je de bus naar Bormio nemen, waarmee je nog eens een afstand van bijna 40 kilometer overbrugt.
Welke route naar Bormio is in de winter het meest betrouwbaar?
In de winter bereik je Bormio het meest betrouwbaar via het dal van de Valtellina: je rijdt via Como of Lecco langs het Comomeer naar Sondrio en Tirano, en vervolgens het dal omhoog naar Bormio. Deze route ligt relatief laag en wordt het hele jaar sneeuwvrij gehouden.
De hoge bergpassen rond Bormio, zoals de Stelviopas en de Gaviapas, zijn in de winter gesloten en dus geen optie. Ook routes via Zwitserse passen kunnen in de winter dicht of alleen met sneeuwkettingen begaanbaar zijn, dus controleer vooraf de actuele passtatus. Houd er rekening mee dat het laatste stuk door het dal een provinciale weg is met dorpskernen, waardoor de laatste 100 kilometer relatief veel tijd kosten.
Wat moet je regelen voor een winterse autorit naar Bormio?
Rijd je in de winter naar Bormio, zorg dan voor winterbanden: in Italië geldt in het winterseizoen op veel bergwegen een winteruitrustingsplicht, waarbij je winterbanden moet hebben of sneeuwkettingen aan boord. Ook in Oostenrijk en Zwitserland gelden in de winter uitrustingseisen.
Controleer daarnaast je antivries en ruitensproeiervloeistof, want onderweg kunnen de temperaturen ver onder nul zakken. Plan je aankomst bij voorkeur bij daglicht: het laatste deel door het dal rijdt in het donker en bij sneeuwval een stuk zwaarder. Vertrek je op zaterdag, houd dan rekening met wisseldagdrukte rond de Alpen. Een vertrek in de zeer vroege ochtend of een overnachting onderweg scheelt files en stress.
Waar kun je onderweg naar Bormio het best overnachten?
Wil je de reis van ruim 1050 kilometer opknippen, dan zijn er enkele logische tussenstops. Rijd je via Duitsland en Oostenrijk, dan zijn de omgeving van Stuttgart, Ulm of het Oostenrijkse Tirol geschikte overnachtingspunten op ruwweg twee derde van de route.
Kies je de route via Zwitserland, dan is de regio rond Zürich of Chur een praktische halte. Met een overnachting rijd je beide dagen ontspannen en begin je fris aan het laatste, bochtige stuk door de Valtellina. Voor gezinnen met kinderen is opknippen extra aan te raden: de laatste 100 kilometer door het dal kennen veel bochten en dorpjes, wat na een lange rijdag vermoeiend is.
